Cuba: bouwen – heropbouwen – verfraaien

Wim Leysens

“Huisvesting is een groot probleem in heel Cuba; jaarlijks investeert het land miljoenen nationale pesos in de bouw van nieuwe woningen of het herstel van oude woningen. Maar als daar een storm als Irma bovenop komt, ja…”. Aan het woord is Lourdes Ochoa Obreu, gewezen parlementslid en momenteel medewerkster van de Provincieraad van Havana.

De impact van de storm Irma op het eiland was enorm. De storm trof 13 van de 18 provincies, met een totale schade geschat op ruim 13 miljard pesos (54 miljoen dollar). Maar vol fierheid spreken de Cubanen over de storm die daarop volgde, een storm van solidariteit. Vele burgers voegden zich vrijwillig bij de werkbrigades om de brokstukken te verwijderen en de straten weer vrij te krijgen. Onmiddellijk na de storm nam de overheid initiatieven voor de heropbouw. De eerste prioriteiten waren duidelijk: het elektriciteitsnetwerk herstellen en de drinkwatervoorziening opnieuw verzekeren. Na een paar dagen was de grootste schade aan de scholen hersteld en konden ook alle klassen heropgestart worden.

Het toerisme financiert de heropbouw

“Onmiddellijk na de storm werden alle gewone werken stopgezet en ging al het beschikbaar materiaal, van tractoren en kranen tot stenen en cement, naar de heropbouw van de meest getroffen wijken en naar het toerisme”, aldus Lourdes. Dat het toerisme de status van ‘topprioriteit’ kreeg, mag niet verwonderen. De sector is de belangrijkste bron van buitenlandse deviezen. Vernielde hotels betekent geen toeristen, betekent geen inkomsten. Met andere woorden, deze investeringen betalen zichzelf terug en genereren nog een mooie extra. Vandaag mogen we zeggen dat praktisch alle toeristische bestemmingen terug over hun volle capaciteit beschikken, zoals we in Guardalavaca konden vaststellen. In Remedios, dat sinds een paar jaren een sterke injectie krijgt, werden in maart de laatste meters van de malecón (zeedijk) afgewerkt.

De heropbouw van de woningen!

Foto: Radio Rebelde

Maar de grootste zorg voor de Cubanen is vanzelfsprekend hun eigen huisvesting. Ook hier leverde Cuba een immens grote inspanning, spijtig genoeg nog altijd te weinig. Camagüey was één van de zwaar getroffen provincies met meer dan 43.700 huizen die schade geleden hadden. Vier maanden later waren er al (of nog maar) 9.450 hersteld door de bouwbrigades van overheidsbedrijven. Daarnaast beschikt de overheid over nog andere mechanismes om de getroffen Cubanen te ondersteunen. Wie zijn huis volledig heeft verloren, krijgt opgevang in een tijdelijk opvangcentrum en komt in aanmerking voor een hervestiging in een nieuwe woning. Maar dat tijdelijk karakter kan soms wel uitlopen tot 2 à 3 jaar, en daarom verkiezen velen een andere oplossing. Wie over een beperkt inkomen beschikt, kan beroep doen op een compensatie in geld uitbetaald. Personen met een iets betere financiële toestand kunnen aan een lage interest een lening aangaan, waarmee ze zelf aan de slag kunnen.

                                Tabel : Stand van schade en heropbouw in Ciego de Ávila:
In volgorde van boven naar beneden : aangetaste woningen, totaal verwoest, gedeeltelijk verwoest, totale vernietiging van daken, gedeeltelijke vernietiging van daken. Er werd aan de bevolking voor een totaal van meer dan 41 miljoen pesos aan materiaal verkocht aan 15838 getroffenen.

Nieuwe woningen, nieuwe wijken.

Het spreekt vanzelf dat naast deze noodingrepen, Cuba verder inzet op de bouw van nieuwe woningen en woonwijken. In Santiago de Cuba sprak ik met Ramón Morales Fuentes, provinciaal vakbondssecretaris van de bouw. “De laatste orkaan Irma heeft onze provincie niet zo erg getroffen; maar wij zitten eigenlijk nog altijd in de heropbouw na de doortocht van Sandy (2015) en Matthew (2016). Wie de stad Santiago de Cuba binnenrijdt, zal langs verschillende invalswegen nieuwe wijken zien. Zij maken deel uit van het meerjarenplan om de getroffen families een nieuwe huisvesting te bezorgen. Het voorbije jaar hebben we 1.224 nieuwe woningen gebouwd, zelfs 17% meer dan we gepland hadden. Voor 2018 is het plan nog veel ambitieuzer, namelijk 2.494 nieuwe woningen, een verdubbeling. Om de kosten beheersbaar te houden, bouwen we niet alleen meer in baksteen, maar zetten we ook wat we ‘plattelandswoningen’ (casas rústicas) noemen neer. Dat zijn eenvoudigere woningen van 100 m2, met drie slaapkamers, een betonnen vloer, houten muren en een zinken dak. Deze woningen hebben ook het voordeel dat we meer met natuurlijke bouwmaterialen uit de directe omgeving kunnen werken, en zo minder afhankelijk zijn van de toelevering die nogal eens durft haperen. Een ander programma, gefinancierd door de provincie, voorziet in de bouw van 951 kleinere woningen met 1 of 2 slaapkamers”.

Maar indirect doorkruist Irma ook de inspanningen in Santiago de Cuba. “Na de doortocht van Irma, krijgen de getroffen provincies de voorrang wat de toelevering van bouwmaterialen betreft. Daarom zijn we gedwongen om het einde van ons meerjarig bouwprogramma op te schuiven van 2025 naar 2030”, besluit Ramón.

Ook de sociale voorzieningen komen aan bod.

Ramón wil dat we toch vermelden dat de overheid ook blijft investeren in de openbare sociale voorzieningen. Het lijstje dat hij opsomt is misschien wel saai, maar toch indrukwekkend. In 2017 heeft de bouwsector ook de volgende gebouwen gesaneerd en verbouwd: 18 studentenhomes, 7 kinderdagverblijven, 12 parken, 4 wijkcultuurhuizen, 18 opslagplaatsen, 17 wijkbakkerijen, 8 consultatieruimtes van de familiedokter, 2 hospitalen en 1 opvanghuis voor hoogzwangere vrouwen.

Een frisse stad, een leefbare stad

Wandelend door de straten van Remedios, Caibarién, Holguín, Baracoa, Santiago de Cuba, viel het ons op hoe aangenaam en vooral wel verzorgd de parkjes en speelpleintjes waren. Inderdaad, sinds twee jaar beschikken de gemeenten en steden over extra fondsen om hun wijken op te frissen. Een nieuwe wet verplicht de overheidsbedrijven namelijk om 1% van hun winst over te maken aan de gemeente waar ze actief zijn. Deze fondsen mogen enkel geïnvesteerd worden in de heraanleg van openbare plaatsen, zoals een parkje, een sportveldje, een kinderopvang, enz. Het experiment ging van start in Havana, met goed resultaat. Na één jaar werd de maatregel naar alle gemeenten uitgebreid.

Santiago brandt!

In Santiago de Cuba zijn de sociale organisaties en wijkgroepen samen met het stadsbestuur aan tafel gaan zitten. Het resultaat is: ‘Santiago Arde’, een ambitieus plan om de kwaliteit van het leven in de wijken en in het centrum van de stad te verbeteren. ‘We willen de stad mooier, properder en ordelijker’, aldus Jorge, de eigenaar van een casa particular waar we logeerden. “De bouwfirma’s leveren hier een belangrijke bijdrage”, vertelt Ramón. “Onze werkbrigades werden ingezet bij het opkuisen en verfraaien van openbare ruimtes; parken en stadsmeubilair kregen een opfrisbeurt. De grote lanen zoals Avenida Trocha, Céspedes, Manduley heten nu de bezoekers fris welkom. Hoeveel toeristen hebben ondertussen al niet genoten van de mooie autovrije straat Las Enramadas!”.

Een frisse stad heeft ook een stimulerend effect op het sociale wijkleven. Tijdens een ’s zondagse rondwandeling langs een buitenwijken passeerde ik langs verschillende pleintjes waar lokale verkopers standjes hadden opgebouwd, of waar een podium in gereedheid werd gebracht voor een optreden later die dag. “Ook dat is het gevolg van de 1% regel”, verduidelijkt Jorge. De voorbije jaren wordt onze gemeenteraad op sleeptouw genomen door een heel actieve jong bestuurslid die zich enorm inzet voor de wijken. Aan hem danken we die vele wijkmarkten en animatie”.